Festival van Straatkinderen in Bangladesh

 

Hoewel december en januari in Bangladesh de koudste maanden van het jaar zijn,  is voor de vierde keer midden in de Bangladeshi winter in Dhaka het straatkinderen festival gehouden. Dhaka is de hoofdstad van Bangladesh, een stad met ten minste 15 miljoen inwoners.

De eerste keer werd het festival gevierd in de grootste Boeddhistische tempel van Dhaka. De tweede keer vond het plaats op een boot op een van de grote rivieren van Bangladesh. Het derde keer vierden we het festival op een groot terrein van een prachtig oud kerkgebouw van de Church of Bangladesh.

 

Dit jaar kwamen, per bus en trein uit verschillende steden in Bangladesh, ongeveer 230 straatkinderen samen voor twee dagen in Savar, een kleine stad vlak bij Dhaka.

Een goede vriend van de Taizé broeders, Valery Taylor, begon daar 35 jaar gelden een centrum voor mensen met een verlamming. Dit centrum, uniek in Bangladesh, helpt hen bij de behandeling en de re-integratie.

Het is een erg inspirerende plek die hoop geeft aan veel mensen. Het terrein waarop dit Centrum gevestigd is,

is behoorlijk groot.

 

Een kleine muziekband met trompetten en trommels begroette de kinderen bij hun aankomst in Savar. Toen begonnen twee fascinerende dagen. We hadden een programma met veel verschillende activiteiten: voordat iedereen een feestelijke lunch kreeg sprongen veel kinderen in het zwembad van het Centrum. Het water was behoorlijk koud maar dat deerde de kinderen niet. Ze speelden met veel plezier in het water. Toen ze uit het zwembad kwamen waren ze heel wat schoner dan daarvoor. Veel van de kinderen leven op de spoorwegstations en daar blijf je niet schoon. Na afloop van de maaltijd hadden we samen een kort gebedsmoment: een Moslim reciteerde enkele verzen uit de Koran, een Hindu las daarna een gedeelte uit de Gitas en een Christen las enkele verzen uit de Bijbel. Tot slot zongen we een prachtig Bengaals lied. Na het gebed deden we een aantal uren sport en spelletjes. Tussen elke wedstrijd speelde de band prachtige muziek waarop iedereen danste. Muziek maken was goed en ook noodzakelijk: de straatkinderen hebben een zwaar leven en bij een conflict met andere kinderen wordt er vaak gevochten. Wanneer je zingt en danst, vecht je niet.

 

Ik heb een grote bewondering voor al deze kinderen die op straat leven. Ze zijn in staat vreugdevol te leven zonder enig bezit. Ze hebben alleen één broek en één hemd en ze weten niet of ze ‘s avonds te eten zullen hebben. Oudere jongens en meisjes zorgen voor kleinere kinderen. In de koude winter slapen ze ’s nachts dicht tegen elkaar aan, zonder dekens. Die zouden trouwens worden gestolen.

 

Op de eerste avond van het festival hadden we een prachtig cultureel programma in de grote hal van het centrum. Eerst zongen enkele gehandicapte mensen van het Centrum en ze dansten daarbij; dan voerden ze een klein toneelstukje op waarin verschillende aspecten van het dagelijks leven in Bangladesh werden uitgebeeld. Ze speelden dat heel goed en hadden veel applaus. Na het toneelstuk kwamen enkele groepen straatkinderen, jongens en meisjes, het toneel op en ook zij begonnen te zingen en te dansen. Het waren erg populaire liedjes die iedereen ging meezingen, al handenklappend. Zoveel vreugde en geluk! Toen het avond was geworden gingen we allemaal naar buiten, iedereen kreeg een kleine kaars, en zingend liepen we rond het terrein, een lange processie in het donker met onze brandende kaarsen.. Het was prachtig deze lange rij straatkinderen te zien met hun kaarsjes, zingend en wandelend in het donker. Daarna gingen we naar bed; sommigen sliepen onder dekens maar de meeste kinderen sliepen onder een dik tapijt dat we hadden gehuurd. ( we konden nergens meer dekens vinden).

 

Op de tweede dag, ‘s morgens na het ontbijt, speelden we opnieuw enkele spellen met zang en dans. Opnieuw veel vreugde voor deze kinderen. Ze kregen allemaal een T-shirt aangeboden door het Centrum met op elk shirt de woorden: “Straatkinderen Festival: amra shobai raja”( wij zijn allemaal koningen en koninginnen). Daarna bezochten we in kleine groepjes de activiteiten die elke dag in het centrum plaatsvinden. De gehandicapte patiënten en onze kinderen waren heel gelukkig in de gelegenheid te zijn elkaar te ontmoeten en met elkaar te praten. De staf van het centrum was voor ons allemaal heel aardig en behulpzaam. Toen ze de vuile en kapotte kleren van een flink aantal straatkinderen zagen, verzamelden ze betere kleren die ze later aan de kinderen gaven.

Deze tweede dag was de lunch laat, maar heerlijk. In de middag vertrokken alle kinderen begeleid door muziek van onze actieve band. Het was geweldig om op hun gezichten zoveel vreugde en geluk te zien.. Terwijl de kinderen vertrokken bleef de band spelen: laten we dansen vandaag, vooral deze dag.

Sommige straatkinderen waren pas 6 jaar. Onder de 230 kinderen die op het festival aanwezig waren kon ik gemakkelijk een groep van 7 meisjes, teenagers, herkennen; zij waren jonge prostituees op het grote treinstation van Dhaka. Toen iemand verbaasd was over hun aanwezigheid bij al de andere kinderen zei Valery Tailor:

 “Het is zeer prachtig dat zij hier zijn. Nooit eerder, toen ze klein waren, werden ze uitgenodigd voor een festival.

 

Broeder Guillaume